Onlangs las ik het verhaal dat bij groepen getraumatiseerde jonge kinderen baby’s in de groep geplaatst werden. Het bleek dè manier om bij deze jonge kinderen het empatisch vermogen te stimuleren en hun sociaal emotionele intelligentie te ontwikkelen.
Nu ben ik zelf moeder van 1 volwassen en 2 opgroeiende kinderen dus ik ken dat gevoel van tederheid maar al te goed.  Maar elke keer dat ik een baby in de armen heb, dan voel ik opnieuw het effect dat een baby kan hebben. De verwondering die ik voel bij de volheid van een baby is zo diep dat ik alleen nog maar blijdschap in mijn lijf voel en een voortdurende glmlach op mijn gezicht heb.

Wat is dat met baby’s, jonge wezentjes die nog niet kijken, die alleen huilen, eten, plassen en poepen? Ze hebben een ziel.  Die ziel voel je door alles heen en die laten ze zien in al hun kwetsbaarheid. Zo puur! Het is die pure ziel die messcherp snijdt door alle lagen van afweer en angst die wij in ons leven opbouwen. En dat is wat ons kan ontroeren. Op dat moment zijn we even echt in contact met onszelf . Wij zijn allen zo puur geboren: die kern is er nog steeds.
Waar zit dat pure stuk in ons? Hebben we er nog steeds toegang toe? Welke plaatjes, overtuigingen, waarden, trauma’s (groot of klein) zitten ons in de weg om weer die puurheid te ervaren en ook te laten zien?

Hoe fijn zou het zijn als wij afgerekend hebben met alle pijn en verdriet. Hoe fijn zou het zijn als we weer zo puur konden zijn als een baby.
Het is een groot streven, en de moeite waard om aan te werken. Want ik geloof dat als elk mens de puurheid voelt in ons dat er dan iets wezenlijks geraakt kan worden.